HOOFDSTUK 1

Nehemia 1:1-3 . NEHEMIA, DOOR HANANI DE BENARDE TOESTAND VAN JERUSALEM BEGRIJPEND, ROUWT, VAST EN BIDT.

1. Nehemia, de zoon van Hachalia, deze vrome en vaderlandslievende Jood moet zorgvuldig onderscheiden worden van twee andere personen met dezelfde naam, van wie er een vermeld wordt als helpend bij de wederopbouw van de muren van Jeruzalem (Nehemia 3:16) en de ander wordt genoemd in de lijst van hen die Zerubbabel vergezelden in het eerste detachement van terugkerende ballingen (Ezra 2:2 , Nehemia 7:7). Hoewel er weinig bekend is over zijn genealogie, is het zeer waarschijnlijk dat hij een afstammeling was van de stam Juda en het koninklijk geslacht van David.
in de maand Chisleu–Dit komt overeen met het einde van november en het grootste deel van december.
Shushan het paleis–de hoofdstad van het oude Susiana, ten oosten van de Tigris, een provincie van Perzië. Vanaf de tijd van Cyrus was het de favoriete winterresidentie van de Perzische koningen.

2, 3. Hanani, een van mijn broeders, kwam, hij en sommige mannen van Juda–Hanani wordt zijn broeder genoemd ( Nehemia 7:2 ). Maar omdat die term losjes werd gebruikt door zowel Joden als andere oriëntalen, is het waarschijnlijk dat er niet meer wordt bedoeld dan dat hij van dezelfde familie was. Volgens JOSEPHUS hoorde Nehemia, terwijl hij rond de paleismuren wandelde, enige personen in de Hebreeuwse taal converseren. Nadat hij had vastgesteld dat zij onlangs uit Judea waren teruggekeerd, werd hij door hen, in antwoord op zijn gretige vragen, ingelicht over de onvoltooide en verlaten toestand van Jeruzalem, alsmede over de weerloze toestand van de teruggekeerde ballingen. De opdrachten die eerder aan Zerubbabel en Ezra waren gegeven, strekten zich slechts uit tot het herstel van de tempel en de particuliere woningen, terwijl men had toegestaan dat de muren en poorten van de stad een massa verbrijzelde ruïnes bleven, zoals zij waren neergelegd door het Chaldeeuwse beleg.

Nehemia 1:4-11 .

4. toen ik deze woorden hoorde, dat ik nederzat … en rouwde … en vastte, en bad–De overweging raakte diep de patriottische gevoelens van deze goede man, en geen troost kon hij vinden dan in ernstig en langdurig gebed, dat God het doel zou begunstigen, dat hij in het geheim schijnt te hebben gevormd, om de koninklijke toestemming te vragen om naar Jeruzalem te gaan.

11. Ik was de schenker van de koning – Deze functionaris was aan de oude oosterse hoven altijd een persoon van rang en belang; en door de vertrouwelijke aard van zijn taken en zijn veelvuldige toegang tot de koninklijke aanwezigheid, bezat hij grote invloed.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.