Hoe Psalm 91 tot uw Coronavirus Angsten Spreekt

Palm 91 werd door Satan gebruikt om Jezus in de woestijn te verleiden (zie Mattheüs 4:5-7). De duivel zei dat Jezus Zichzelf zeker in de weg van het kwaad kon plaatsen om de reddende kracht van God te demonstreren. Maar Satan misbruikte Gods Woord, door het uit de context van het geheel en de eenheid van de Schrift te halen. Jezus, die de Schrift eerde, antwoordde dat God niet op de proef gesteld mag worden. Onzorgvuldig gedrag wordt door God niet door de vingers gezien, evenmin als misbruik van de Schrift.

Lerend van Jezus, moeten wij dus ook in onze tijd goed met de Schrift omgaan. Dat God onze toevlucht, troost en schaduw is temidden van de pest, betekent niet dat wij, als wij in Jezus Christus geloven, lichamelijk immuun zijn voor COVID-19 – daar zijn alle geloofwaardige commentatoren het over eens.

De verzen in deze Psalm lijken echter wel een actuele, lichamelijke bevrijding van de pest te beloven. Het woord pestilentie betekent elke plotselinge dodelijke epidemie of pandemie, en in zijn bijbels gebruik wijst het er in het algemeen op dat dit goddelijke bezoekingen zijn. Het woord wordt het meest gebruikt in de profetische boeken. Kijk bijvoorbeeld eens naar de verzen 3 en 6: “Want Hij zal u verlossen van de strik van de vogelvanger en van de dodelijke pestilentie” en “U zult niet vrezen … voor de pestilentie die in de duisternis rondwaart, noch voor het verderf dat op de dag des oordeels neerdaalt.” Hoe moeten wij deze uitspraken getrouw interpreteren?

Israëlitische context

In de eerste plaats kunnen wij denken aan Gods verbonden met Israël, waarin God overvloed belooft als de natie trouw is. Als de luisteraars van deze psalm zich aan God toevertrouwen, zou Hij hun succes geven in hun doel om het beloofde land te bewonen en Gods baken te zijn voor de volken. Als zij erop vertrouwden, zou geen pestilentie het Israëlitische leger ervan weerhouden zijn vijanden te verslaan en de natie te worden die God had beloofd.

Kijk eens naar Exodus 19:4-6a, waarin een soortgelijke beeldspraak voorkomt als in Psalm 91 over Gods beschermende vleugel:

“Gij hebt zelf gezien wat Ik de Egyptenaren heb aangedaan, en hoe Ik u op arendsvleugelen gedragen en tot Mij gebracht heb. Als u nu mijn stem gehoorzaamt en mijn verbond onderhoudt, zult u mijn kostbaarste bezit zijn onder alle volken, want de hele aarde is van mij, en u zult voor mij een koninkrijk van priesters en een heilige natie zijn.”

De psalm belooft dus niet dat geen enkele Israëliet ooit ziek zal worden. God beloofde dat geen enkele pandemie hen ervan zou weerhouden de natie te zijn die Hij had voorspeld dat zij zouden worden. En degenen die ziek zouden worden en uit dit leven zouden overgaan, zijn niet uitgesloten van de beloften van God voor Israël die aan het eind van dit tijdperk vervuld zullen worden.

Andere interpretatieve overwegingen

Drie andere interpretatieve opmerkingen kunnen overwogen worden met betrekking tot Gods bevrijding van de pestilentie.

Misschien verwijst deze bevrijding naar een breed scala van hardnekkige aanvallen, inclusief geestelijke – en niet noodzakelijkerwijs altijd naar ziektes. In dit geval zou de pestilentie “een figuur voor verschillende kwaden” zijn, wat letterlijk “plagen van onheil” betekent, zoals staat in het Commentary Critical and Explanatory on the Whole Bible.

De beloofde bevrijding kan geestelijke bevrijding en bescherming inhouden voor hen die op de Heer vertrouwen te midden van deze uiterlijke moeilijkheden. Zoals J. A. Motyer stelt, “de belofte is geen zekerheid van, maar zekerheid in” (nadruk in origineel).

De bevrijding zou ook kunnen verwijzen naar toekomstige heerlijkheid. Tremper Longmann schrijft: “Christenen kunnen Psalm 91 bidden in de wetenschap dat God met hen is in de geestelijke strijd van dit leven en dat God hen in Christus eeuwig leven zal geven.”

Wat is Gods bevrijding?

Om dit toe te passen op bevrijding temidden van COVID-19, kunnen we de volgende principes afleiden:

1. Wij weten uit het bredere getuigenis van de Schrift dat Gods beloofde bevrijding geestelijk is in het heden, terwijl zij geestelijk en lichamelijk is in het toekomende tijdperk.

2. Wij weten dat in Gods algemene genade in deze wereld en in Zijn Vaderlijke liefde voor gelovigen, alle lichamelijke genezing die in dit leven gebeurt, uit Zijn genereuze hand komt.

3. Wij weten dat Gods plannen voor deze wereld zeker zijn – Zijn plannen voor Israël, zowel als Zijn plannen voor de Kerk en alle gelovigen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.