De CLO test is onbetrouwbaar in het diagnosticeren van H. pylori infectie in post-chirurgische maag; is er een rol van H. pylori in peptische ulcus recidief?

Doel: Het evalueren van de validiteit van de CLO test in het detecteren van Helicobacter pylori bij patiënten met een maagoperatie en het onderzoeken van de relatie van H. pylori met peptische ulcus recidief bij deze patiënten.

Methoden: In deze prospectieve studie werden 110 opeenvolgende patiënten geïncludeerd, van wie de meerderheid een maagoperatie had ondergaan voor een goedaardige ziekte (n = 102). Tachtig patiënten (62 mannen), in de leeftijd van 38-87 jaar, hadden een gastrectomie ondergaan (10 Billroth I, 70 Billroth II), en 30 patiënten (27 mannen), in de leeftijd van 36-73 jaar, hadden een vagotomie ondergaan (13 vagotomie plus gastroenterostomie, 17 vagotomie plus pyloroplastie). H. pylori werd gezocht op meerdere biopsiemonsters, met behulp van CLO-test en histologie (gemodificeerde Giemsa-kleuring). De sensitiviteit, specificiteit, positief voorspellende waarde (PPV) en negatief voorspellende waarde (NPV) van de CLO test werden geschat met gebruikmaking van histologie als ‘gouden standaard’.

Resultaten: In totaal waren 21 gastrectomiepatiënten (26%) H. pylori-positief door CLO en 25 (31%) waren H. pylori-positief door histologie. De geschatte sensitiviteit, specificiteit, PPV en NPV van de CLO test, met histologie als ‘gouden standaard’, waren respectievelijk 68%, 91%, 77% en 86%. De CLO-test was positief bij 67% van de vagotomiepatiënten (20 van de 30), terwijl 50% (15 van de 30) bij histologie H. pylori-positief was. De geschatte sensitiviteit, specificiteit, PPV en NPV van de CLO-test waren respectievelijk 87%, 53%, 65% en 80%. H. pylori-prevalentie volgens histologie was 50% bij patiënten met vagotomie en 31% bij die met gastrectomie (P = 0,0787). Recidiverende ulcera werden waargenomen bij 8/30 patiënten (27%) na vagotomie en bij 10/72 patiënten (14%) na gastrectomie. Recidiverende ulcera werden gedocumenteerd bij 6/15 H. pylori-positieve patiënten met vagotomie (40%), en bij één van de 25 H. pylori-positieve patiënten met gastrectomie (4%). Dit verschil was significant (Fisher’s exact test, P = 0,007, relatief risico 5,091, 95% CI 0,819-31,64).

Conclusie: De CLO test lijkt onbetrouwbaar te zijn in het diagnosticeren van H. pylori in postchirurgische maag. De H. pylori prevalentie is hoger, hoewel niet significant, bij vagotomiseerden in vergelijking met gastrectomiseerden, en is in deze groep nauw gerelateerd aan de aanwezigheid van recidiverende ulcera. Het is dus, althans bij deze groep patiënten, sterk aan te bevelen H. pylori op te sporen en te eradiceren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.